Je zit in groep 2 en kunt niet wachten om naar groep 3 te gaan. Je bent helemaal ‘on top of everything’ en je wilt vooruit: meer letters leren, écht leren schrijven, en in die schoolbanken zitten, net als de oudere kinderen die je ziet als je iets voor de juf mag doen.
Eindelijk is het zover: groep 3. De eerste woorden komen voorbij… roos, vis. De opwinding van het leren zit in je hele lijf. Maar dan moet je wachten. Wachten op de woorden die je nog niet kent.
In groep 4 loopt alles op rolletjes. Je haalt goede cijfers zonder veel moeite te doen. Je enthousiasme voor het leven zit in je hele overkomen.
Groep 5. Er begint iets te veranderen. Het contact met de kinderen waar je al jaren mee optrekt voelt anders. Het voelt minder veilig. Gelukkig heb je nog een paar goede vriendinnen waarmee je speelt en logeert.
Groep 6. Je merkt dat je niet meer lekker in de groep ligt. Wat is er aan de hand? Voor jouw gevoel is er niets veranderd, maar je begrijpt niet goed wat er speelt. Je voelt je steeds onveiliger. Zelfs de leerkracht lijkt soms mee te lachen, en dat maakt het nog moeilijker. Langzaam verlies je de grip: op de situatie en op jezelf.
Groep 7. Je turnt en blinkt daarin uit. Het is je uitlaatklep. Maar de schooldagen worden steeds moeilijker. Aan je schooltafel voel je je nog redelijk op je plek, maar alles daarbuiten is overleven.
Groep 8. Je sleept jezelf door de dagen heen. Toch blijf je een kind met levenslust, dat is je beschermingsfactor. Met een havo/mavo-advies verlaat je de basisschool.
De eerste klas. Je gaat naar een andere school dan de meeste kinderen uit je klas. In de grote stad. Op de fiets. Hoe werkt het hier? Hoe moet je je opstellen? Je bent jezelf al zo kwijt. De kinderen lijken anders, ze staan anders in het leven.
De eerste klas, andere school: vmbo. Het ging niet meer.
De tweede tot en met de vierde klas vmbo blijven een worsteling. Je bent de wereld om je heen nooit meer echt gaan begrijpen. Je past je aan, zoekt ‘jouw mensen’, maar het levenslustige, leergierige en enthousiaste meisje is weg.
Jaren later… Je vindt beter passende plekken, maakt een aantal bijzondere reizen, trouwt gelukkig en krijgt kinderen. Je voelt je weer zelfverzekerder. Dan kom je in aanraking met (hoog)begaafdheid. Langzaam vallen alle puzzelstukjes in elkaar. Nu sta je in je kracht. Wat een reis!
—
Het belang van een gezond zelfbeeld bij (hoog)begaafdheid…
Het zelfbeeld van (hoog)begaafde kinderen wordt enorm aangetast wanneer hun begaafdheid niet wordt herkend. Zelfs wanneer het wél wordt gezien, is het belangrijk om er aandacht aan te besteden. Het aanpassen begint vaak al vroeg. Voor een kind of jongere is de wereld zoals die is, totdat een volwassene langszij komt, vertelt dat het niet gek is en uitleg geeft. Dat kan een wereld van verschil maken!
Herken jij je in dit verhaal? Laat het me weten!
hashtag#evenlangszij
